Sluit het formulier
Lucht je hart via chat

Zit je in de knoei, stoei je met een vraag, kom je er alleen niet helemaal uit? Lucht dan je hart bij de chathulp van het Cliënten Informatiepunt (Clip). De chathulp is een hulplijn speciaal voor jou. Je kunt er terecht voor allerlei zaken die met Geestelijke Gezondheidszorg te maken hebben. In een gesprek via chat kun je eenzame, verdrietige, vrolijke of onbekende gevoelens delen met een ervaringsdeskundige. Deze vrijwilligers hebben zelf ervaring als cliënt in de Geestelijke gezondheidszorg. Je kunt chatten op maandag- en dinsdagavond van 19.00 tot 22.00 via www.chathulpamsterdam.nl.

Clip is ook telefonisch of per mail te bereiken, zie www.clienteninformatiepunt.nl.

"In een psychose ben je jezelf, maar dan extreem uitvergroot"

Roel (36) maakte achttien jaar geleden voor de eerste keer een psychose door. De tweede psychose kwam zeven jaar later. Daarna is hij nog twee keer voor enkele weken opgenomen met psychotische belevingen.

"De eerste psychose was een zware ervaring en de diagnose - 'paranoïde psychose als gevolg van een schizofrene stoornis' - was voor mij een enorme klap. Aan goede informatie kon ik niet komen, laat staan dat er zelfhulpgroepen of cliëntenorganisaties waren waar ik voor informatie of steun terecht zou hebben gekund. Ik ben negen weken opgenomen, maar heb daar niet veel aan gehad. Ik had toen nog geen ziekte-inzicht.

Zeven jaar later werd ik voor de tweede keer psychotisch. Ik had mijn leven wel weer op de rails, maar ik ging in die tijd veel te snel. Ik was lekker druk, en ik herkende de symptomen van een naderende psychose nog niet. Ook die tweede keer ben ik opgenomen. Toen is voor het eerst de psychose in therapie aangepakt. Ik heb mijn oergevoelens en mijn karakter toen grondig onderzocht. Oerpijn, oervreugde, de gevoelens die horen bij mijn karakter. In de polikliniek waar ik toen onder behandeling was, kom ik inmiddels elf jaar. Er is een prima verstandhouding, ik kan altijd bellen als dat nodig is."

  • Opgekropte emoties

"Onverwerkt verdriet en boosheid krop ik op, en dat wordt zo veel dat het tot uitbarsting komt. Van mijn dertiende tot mijn achttiende jaar heb ik als het ware problemen opgestuwd. Ik studeerde hard, maar ik ontwikkelde mijn gevoelsleven niet. Langzamerhand ben ik toen een psychose ingegleden. Ik had het idee dat ik slecht was en dat iedereen tegen mij was. Dat was eigenlijk de kern van mijn eerste psychose. In de tweede psychose had ik het idee dat ik de verantwoordelijkheid voor al het kwaad op mij moest nemen en ervoor moest zorgen dat het weer goed kwam, zoals een martelaar."

  • De signalen

"Als ik stress heb, drukte, ingrijpende gebeurtenissen meemaak, bijvoorbeeld een relatie die uitraakt, krijg ik negatieve gevoelens. Mijn valkuil is dat ik die gevoelens niet met anderen deel of ontken. Dan wordt het allemaal te veel. Dan krijg ik huilbuien, ga slecht eten en slapen, ik val af. En ik word overactief of manisch. Dat zijn signalen van een naderende psychose. Ik word steeds prikkelbaarder. Dromen en werkelijkheid gaan door elkaar heen lopen, evenals heden, verleden en toekomst. Dit is allemaal niet zo vreemd als je een borreltje gedronken hebt, maar als je zoals ik vatbaar bent voor paranoïde psychose, dan kom je langzamerhand in een schemergebied waarin het gevoel het overgenomen heeft van het verstand. Dan ga ik leven op de toppen van mijn gevoel. Ik ga irreële verbanden leggen, en rijg associaties aan elkaar tot een groot spinneweb. Dat spinneweb wordt steeds groter, alles en iedereen is tegen mij, en alles gaat over mij, bijvoorbeeld een liedje over de radio. Eigenlijk is het zo dat ik dan mijn eigen angsten zie in het gedrag van anderen."

  • Oerangsten

Na de eerste opname kreeg ik medicijnen en ging ik weer naar school. Maar eigenlijk had ik het gevoel dat wat er in dat spinneweb zat, en het idee dat mensen een complot tegen mij hadden, toch waar was. Maar goed, dat idee ben ik langzamerhand kwijtgeraakt, het is gesleten. Ik bleef wel heel kwetsbaar, ik begreep niet wat er met me aan de hand was. Daar werd in de psychiatrie ook niet op ingegaan. Die oerangsten en zo. In een psychose ben je jezelf, maar dan extreem uitvergroot. Als je het over de inhoud kunt hebben, dan krijg je een handvat om jezelf te leren kennen. Maar er werd in de psychiatrie alleen maar gevraagd hoe je weekend was en zo.

"Bij de tweede psychose ben ik dus wel goed werd geholpen. Later, tussen mijn vijfentwintigste en mijn tweeëndertigste, ben ik nog twee keer voor enkele weken opgenomen met psychotische belevingen. Maar toen was ik niet paranoïde, het spinneweb sloeg niet door en het lukte me om een paar versnellingen lager te gaan draaien. Ik heb die laatste keren ook goede hulp gekregen, zowel steun als medicatie."

  • Medicijnen

"Sinds zeventien jaar gebruik ik medicijnen en ik merk dat dat ondersteunend is. De scherpe kantjes gaan ervan af. Medicatie is een hulpmiddel, maar het neemt de oorzaak en de pijn niet weg. Daarvoor moet je andere dingen doen. In het verleden gebruikte ik Haldol, Orap en Impromen. Daar had ik vrij veel last van. De medicatie die ik tegenwoordig heb (Zyprexa) bevalt me beter, Het lijkt op een positieve roes, alsof je een borreltje op hebt. En ik heb meer energie, ben minder geremd en sta 's ochtends fit op."

  • Hulpmiddel

Overactief, dingen haarfijn aanvoelen, geen rust kunnen vinden. Dan is het tijd om mijn ankers op te zoeken. Ik ga naar mijn vriend, die me goed kent. Ik heb hem een jaar voor de tweede psychose leren kennen. Hij zei de laatste keer dat het zo met mij gesteld was: 'Volgens mij ben jij psychotischer dan je denkt.' En ik ga praten met mijn ouders of met mijn zus, met wie ik het heel goed kan vinden. Ik schrijf brieven aan vrienden en familieleden. Daarin kan ik me het beste uitdrukken. In brieven plaats ik dingen buiten mezelf, ik schrijf dingen van me af. Ik verstuur de meeste van die brieven niet. Ik denk dat ik wel duizend brieven geschreven heb. De laatste tijd probeer ik me ook pratend meer te uiten. En met dansen, dat is ook goed. Ik doe yoga en heb daar veel aan. Als het slecht met me gaat probeer ik wel gas terug te nemen, maar dat lukt me niet zo goed. Soms vraag ik om meer medicatie.

Als ik al dit soort acties onderneem om te voorkomen dat het erger wordt, duurt het zeker een week voordat dat een beetje resultaat heeft. Al die tijd zit ik in een achtbaan. Maar er valt wel wat in te sturen. Het geeft me wel een kick als het me lukt om afglijden te voorkomen. Ik moet leven met mijn beperkingen, mijn gevoeligheid. Er zijn heel vervelende periodes. Die horen gewoon bij mijn ziekte. Ik kan niet voorspellen of ik nog eens psychotisch zal worden, maar ik heb wel voldoende middelen om dat te voorkomen."

  • Helicopterview

"Wat ik heb geleerd van mijn psychoses is dat het belangrijk is om mijn gevoelens te uiten. Ik heb mijzelf er beter door leren kennen Mijn belangrijkste bescherming is een vriendschap, die een jaar voor mijn tweede psychose ontstond. En wat ik aan het leren ben, is een evenwicht te vinden tussen gevoel en verstand. Het is belangrijk een helicopterview te hebben, en niet op alles in te zoemen, zodat het gevoel niet te veel de overhand krijgt."

Interview: Rozemarijn Esselink